Delphi32's Jeanneau 32.2 L'avalanche

De Defender-27 heeft plaatsgemaakt voor een Jeanneau 32.2. Valt er ook nog te zeilen met deze comfortcontainer?

07 juni 2009

Bewegend beeld

04 juni 2009

Terug naar Noordschans

Zondagochtend gaat de wekker om 7 uur, we willen het staartje hoogwater meepakken om de haven te verlaten want we verwachten dat de zee dan op z'n rustigst is. Dat is wel zo veilig als je zeilen moet hijsen. Voor we vertrekken, maken we bijna de gehele voorraad broodjes klaar en zetten 2 ketels heet water die in thermoskannen opgeslagen worden. Het is namelijk nog maar de vraag of we nog kunnen koken deze dag, mogelijk krijgen we weer veel wind.
Het eerste deel van de dag zullen we ruime wind varen richting de shipping lanes. De koers voert ons keurig langs de aanloopboei van Lowestoft en dankzij de stroom tegen hebben we mooi de tijd om even een close-up foto te maken.
Z-kardinaal South Holm
Met de halfwinder erbij trekken we in 7 knopen wind de snelheid op van 3 naar 5 knopen. Dat klinkt weinig misschien, maar voor ons betekent dat dat de shipping lanes niet om 21:00 overgestoken gaan worden maar om 18:00.
Ondertussen gaat het leven aan boord gewoon door. Je eet een broodje, drinkt een bak koffie, dan een flesje water en vervolgens moet je naar de wc. Heel normaal allemaal, nietwaar? Het bezoeken van het toilet blijkt toch wel een uitdaging als je constant 20 graden helling over stuurboord vaart en soms onverwachts een rollertje naar bakboord doet. Dan gaat het ongeveer als volgt: je gaat naar de kajuitingang, houdt je aan de hoge kant vast om de trap af te dalen. Dan zoek je een plekje waar je veilig zitten kan om achtereenvolgens je reddingsvest, je zeiljas en je gewone jas uit te doen. Opstaan om de banden van de zeilbroek naar beneden te doen, oppassen dat je niet omver geslingerd wordt. Dan richting het toilet aan de lage kant, goed vasthouden aan de mastpaal. Met 1 hand broek naar beneden (oppassen dat je niet alsnog valt) en dan stort je min of meer op het toilet waarvan je tijdens het vallen nog snel even de deksel omhoog doet. Opstaan, jezelf klem zetten tussen kajuitvloer en vluchtluik om de broeken weer op te hijsen en vervolgens de rest van de kleding weer aan te trekken. Reken op bijna een kwartier werk, zit je net buiten in de kuip dan krijg je het koud en moet je weer...

Nog een leuke: het varen over stuurboord. Bakboord (links voor de landlubbers) is de kant waar de kombuis zit, evenals alle voorraad. Over bakboord varen betekent, dat bakboord de lage kant is. Inhoud van de voorraad- en keukenkasten valt dan als vanzelf naar achteren, ideaal als je veel in die kasten moet wezen om bv eten te maken. Vaar je over stuurboord, dan is de rechterkant van de boot het laagst en de kombuis het hoogst. Trek in deze positie een voorraadkast open en de inhoud komt je razendsnel tegemoet. Doe de pannenkast open en voor je het weet mag je de deksels weer terugleggen. Zet een keteltje water op het gas en laat het een seconde los, dan mag je gaan dweilen omdat het keteltje gedwee de wetten van de zwaartekracht gehoorzaamt. Voor ons is het duidelijk: BAKboord is de goede kant want dan kan je tenminste koken (en voorrang claimen op andere zeilers).

De shipping lane zijn we weer over voor we er erg in hebben, de weinige scheepvaart gaat ruim voor ons langs. Even schrikken we als we een reddingsvest zien drijven, er zal toch niemand in zitten? Een halve mijl later komen we een boeitje of fender tegen, dan een joon (drijvende boei ter markering van overboord geslagen mensen), een peddel en nog een paar zeilbootattributen. Hier is iets gebeurd, zoveel is wel duidelijk, maar we zien verder geen bijzonderheden dus hopen op een toevallige samenloop van omstandigheden en mijmeren wat over onze eigen veiligheid. De lifelines worden toch maar vastgeklikt.
Koers wordt verlegd naar strak oost, op weg naar Stellendam. Dat is hoog aan de wind dus hobbelen geblazen. Harde knallen in de boot wijzen ons op de kracht die het water op de boot uitoefent, als we weer eens een golf induiken. De bemanning aan de hoge kant moet regelmatig wegduiken voor overvliegend zeewater. Gelukkig is de wind ons goed gezind, hij draait een beetje naar het noorden zodat onze koers wat rustiger wordt. De nacht is rustig, we passeren het overvolle ankergebied van de Schouwenbank en bij licht zien we Rotterdam in de verte liggen. De schoonheid van dit gebeuren kon ik helaas niet goed op foto vastleggen. Als je héél goed kijkt zie je de skyline van de grootste stad van Nederland...
Rotterdam sunrise

De wind neemt wat af en dat blijkt in combinatie met het tegenstaande tij dodelijk voor onze voortgang: we liggen vrijwel stil. Dik twee uur kijken we tegen de vuurtoren Westhoofd aan voor we besluiten de motor maar aan te zetten.
Vuurtoren Westhoofd

Om een uur of 7 bereiken we eindelijk de Goereese Sluis. De Kolibri 950 die tegelijk met ons vertrokken is en die al in de voorhaven ligt te slapen, besluit op het laatste moment mee te gaan in de sluis. Zij zijn via IJmuiden teruggevaren, was voor ons ook beter geweest maar ja, geen kaarten.

De rest van de trip is een thuiswedstrijd die door vermoeidheid niet helemaal soepeltjes verloopt: we zetten in een dolle bui de genua op de rol, terwijl we hoog aan de wind moeten varen in zeer variabele wind. Ach, we hebben geen haast, kan ons het schelen. Na de Haringvlietbrug vinden we het welletjes, de motor mag ons thuisbrengen. In de vaargeul van het Hollands Diep bak ik de laatste eitjes met spek en kaas, begin van de middag leggen we de boot vierkant vast in zijn eigen boxje. Snel de boel opruimen en naar huis, we zijn allemaal doodmoe. Zelfs Jeroen die toch echt erg veel geslapen heeft dit weekend ;)

Van de autorit terug weet ik niet veel meer. Achterin de Saab van Eric vielen mijn ogen dicht op de Moerdijkbrug, om pas weer open te gaan bij de afrit Tiel. Liesbeth en de kinderen waren nog niet thuis dus ik ben vrijwel direct naar bed gegaan om te genieten van een aangenaam coma tot ik daaruit ruw gewekt werd door mijn lieve dochter.

Als ik zo dit weekend bekijk dan zie ik een paar dingen. Het was echt vermoeiend, maar daarom niet minder leuk. De sfeer aan boord was goed, we hebben veel lol gehad om vanalles en nog wat. De theoretische voorbereiding die ik heb gehad, bleek in de praktijk prima toepasbaar. Ik voel me gaar (nog steeds spierpijn in mijn nek) maar zoooo verschrikkelijk voldaan.. dit smaakt absoluut naar meer!

Lowestoft

Om 12:00 boordtijd gaat de wekker alweer, we moeten eruit om het leefritme niet teveel te verstoren en natuurlijk onze haven en het stadje te verkennen! Eitjes gebakken voor het ontbijt terwijl de boot door Eric en Jeroen verhaald werd naar de plek die op de laatste foto te zien was. Daarna kon het gezelschap onder de douche, wat hard nodig was. Ik kon de zoutbrokken op mijn gezicht in de spiegel zien zitten...

Lowestoft is een klein badplaatsje aan de Oostkust van Engeland. Er is zowaar een strandje, een pier en een soort van entertainment centre. Brighton maar dan piepklein.
Boulevard Lowestoft
Strand Lowestoft
Een clubje kleine open bootjes koos de zee voor een wedstrijdje, spectaculair in de knobbelige zee. De scheepjes hielden zich erg goed!
Lopend door het stadje, dat dezelfde sfeer ademt als veel kleine plaatsjes uit Engelse detectives, verbazen we ons over de vele schoorstenen (vanwege steenkool als verwarming), de spitsstroken dwars door het centrum en de leegstaande panden her en der. Is de economische crisis hier toegeslagen of is dit een gevolg van de trek naar de grote steden c.q. de vergrijzing? Qua bevolking moeten we stiekem een beetje lachen om de gemiddelde omvang van de Engelsman (eigenlijk triest) en de werkelijk fenomenale hoeveelheid tatouages die iedereen hier lijkt te hebben. Rare mensen, die Britten.

Eten doen we natuurlijk in de pub die tegenover de haven gelegen is: The Harbour Inn, hoe voorspelbaar. Ze serveren een goeie gesmoorde kipfilet en bieden gratis internet aan. Snel de laptop van boord gehaald om de laatste GRIB-files op te halen. Dat zijn bestandjes waarin de weersvoorspellingen voor een gebied in groot detail opgenomen zijn en die hebben we nodig om de terugtocht te plannen. De windvoorspelling suggereert een route over IJmuiden terug, maar daar heb ik niet de goede kaarten voor. De heenreis omgekeerd varen is echter een goede tweede keus die weliswaar in de morgen wat minder wind zal hebben maar voor de rest een keurige 12 knopen. Het enige risico is de windrichting, die schijnt voornamelijk oostelijk te zijn als wij zo'n beetje een oostelijke koers naar Stellendam moeten gaan varen. Dat betekent opkruisen en dus een langere tocht. Nu ja, dat moet dan maar, wie weet valt het allemaal mee. Vijfendertig pond armer en twee pond zwaarder gaan we terug naar de boot. Een live bandje in de jachthaven zorgt voor wat vrolijke klanken van klassiekers uit de popmuziek (Lust for Life bv). Eric gaat slapen, samen met Jeroen babbel ik nog wat door over van alles en nog wat. Voor we er erg in hebben is het alweer 12 uur, terwijl de wekker om 7 uur gaat ratelen. We willen in het staartje van hoogwater naar buiten om te profiteren van een rustige zee en daarna de zuidelijke ebstroom op te pikken. We zullen dus goed moeten doorwerken morgenochtend.

02 juni 2009

Pinkstertrip 2009 deel 1

Donderdagavond 27 mei begint het feest, als Eric mij met de auto op komt halen. De laatste spullen gaan aan boord, nog één keer controle op vergeten zaken en dan mogen de trossen los. Op naar Hellevoetsluis, alwaar we Jeroen zullen oppikken. Tot de Haringvlietbrug worden we aangedreven door de wind, maar daarna is de voorraad verplaatsende luchtdeeltjes op en mogen we op de motor verder. Kaart in de hand, opletten voor onder meer die ene ondiepte waar ik het niet meer over wil hebben, boeitjes tellen en zoeken met de schijnwerper.
Om 1 uur 's nachts kan Jeroen ons via de telefoon meedelen dat hij zijn reis van de Achterhoek naar Hellevoetsluis zowaar overleefd heeft; helaas voor hem zijn wij dan nog anderhalf uur verwijderd van hem en zal hij nog even kou moeten lijden. Half drie ligt Kapal Kita dan eindelijk met voltallige bemanning in het haventje van Hellevoetsluis, we gieten een biertje naar binnen en gaan snel slapen: om 7 uur gaat de wekker voor de oversteek.

Haringvlietdammen
Voor we het zoete water verlaten, worden de brandstoftank en de reservekan gevuld met verse diesel. Het zonnetje zorgt voor een aangename temperatuur, jassen gaan uit en de eerste korte broek wordt gesignaleerd. Kwart voor 11 zijn we onder zeil, profiterend van het afgaande tij op een voor de windse koers. Een zeehond steekt nieuwsgierig de kop boven water maar blijkbaar zijn we geen interessant object voor hem, hij verdwijnt rap weer in de golven. De wind draait al snel een klein beetje naar het noorden, tijd om de halfwinder te zetten. Op deze koers is een boegspriet bijna onontbeerlijk, dus ik verzin een tijdelijke oplossing om de spriet op zijn plaats te houden. Hiermee komt de grote lap goed tot zijn recht en we varen gemiddeld 7 knopen op een kalm zeetje.
Boegspriet voor het eerst gezet
Halfwinder in actie

De komende 45 mijl zullen we dezelfde koers blijven varen tot we bij het verkeersscheidingsstelsel (VSS) arriveren. Dat is een soort snelweg voor zeeschepen, het is verplicht om de snelweg haaks over te steken dus dat vereist enige voorbereiding. Het is gelukkig niet al te druk, we hoeven maar voor 1 schip de koers wat te verleggen. Het grote rode gevaarte passeert mooi voor ons langs.
VSS
De wind is ondertussen net iets meer naar het noorden gedraaid en trekt nog wat aan naar een gemiddelde van 15 knopen (windkracht 4), halfwinder weg en op de fok verder. Qua snelheid maakt dat weinig uit, we blijven tegen de rompsnelheid aan varen maar kunnen nu gaan profiteren van de wat groter wordende golven. Door netjes van een golf af te varen bouw je snelheid op die je weer gebruikt om het volgende waterbergje te beklimmen. Intussen varen we constant onder 20 graden helling en dat maakt het leven aan boord wat lastiger. De zeilpakken mogen aan, reddingsvesten eroverheen en de lifelines in de aanslag. Naar het toilet gaan is een onderneming die ongeveer een kwartier duurt. Koken doen we maar even niet meer.

In minder dan anderhalf uur steken we de 8,5 mijl brede shipping lanes over en bereiken we het tweede waypoint van deze trip. Hiervandaan gaan we aan de wind vol gas naar Lowestoft. De wind trekt nog wat meer aan, de zee wordt nog woeliger terwijl de avond aan het vallen is.
Laatste restje ondergaande zon
Een kleine windkracht 5 op een aandewindse koers maakt het leven nog ongemakkelijker. Aan dek is het constant nat, regelmatig moet de stuurman bukken om passerend water te ontwijken en in de kajuit begint het een chaos te worden. Alles wat los ligt verplaatst zich naar de lage kant.
Om 12 uur gaat Eric maar eens wat slapen. Kussens op de grond, dan lig je vlak boven de kiel in het midden van de boot: de minste schommelingen. Ik blijf aan het roer met Jeroen als backup aan dek; in het donker kan ik niet zien of hij ook slaapt maar het zou me niets verbazen... ik geniet van het schaarse maanlicht, de diepzwarte sterrenhemel en de zeldzame lichtjes die voorlopig nog alleen andere schepen kunnen betekenen. Straks, zo tegen het ochtendgloren, zullen we de Engelse kust naderen en kunnen we meer navigatieverlichting verwachten.
Rond 4 uur in de morgen is Eric weer helemaal fit en neemt hij het roer over van Jeroen die nu ter kooi gaat en in een soort coma verzeild raakt. Samen nemen we de paar bijzonderheden van de nacht door: een schip dat voor anker lag op ons pad en ineens toch maar ging varen, het zeetje dat steeds knobbeliger wordt, de wind die iets is gaan liggen. Ik sluit mijn ogen een half uurtje, zittend onder de buiskap met het kompas in mijn rug (blauwe plek nu). Bij het ochtendgloren zien we dat we dicht onder de kust van Engeland zitten, we zouden vlak bij onze bestemming moeten wezen dus met de kaart in de hand gaan we op zoek naar herkenningspunten en de boei die we volgens de GPS hadden moeten zien. Na veel gepuzzel komen we tot de conclusie dat de positie van de boei niet goed in de GPS is gezet en dat we daarom de komende 7 mijl hoog aan de wind mogen vechten op een noordelijke koers. Dat kost tijd en snelheid, maar ach, niemand van ons heeft een afspraak staan in Lowestoft.

Na een aanloop volgens het boekje komen we het haventje van Lowestoft binnen: de Royal Norfolk & Suffolk Yacht Club & Marina om 7:15. We pikken het enige vrije plekje in, hangen het natte goed buiten, brengenen het thuisfront op de hoogte van onze geslaagde oversteek en duiken dan de kooien in om wat slaap in te halen.
Lowestoft harbour