Pinkstertrip 2009 deel 1
Donderdagavond 27 mei begint het feest, als Eric mij met de auto op komt halen. De laatste spullen gaan aan boord, nog één keer controle op vergeten zaken en dan mogen de trossen los. Op naar Hellevoetsluis, alwaar we Jeroen zullen oppikken. Tot de Haringvlietbrug worden we aangedreven door de wind, maar daarna is de voorraad verplaatsende luchtdeeltjes op en mogen we op de motor verder. Kaart in de hand, opletten voor onder meer die ene ondiepte waar ik het niet meer over wil hebben, boeitjes tellen en zoeken met de schijnwerper.
Om 1 uur 's nachts kan Jeroen ons via de telefoon meedelen dat hij zijn reis van de Achterhoek naar Hellevoetsluis zowaar overleefd heeft; helaas voor hem zijn wij dan nog anderhalf uur verwijderd van hem en zal hij nog even kou moeten lijden. Half drie ligt Kapal Kita dan eindelijk met voltallige bemanning in het haventje van Hellevoetsluis, we gieten een biertje naar binnen en gaan snel slapen: om 7 uur gaat de wekker voor de oversteek.

Voor we het zoete water verlaten, worden de brandstoftank en de reservekan gevuld met verse diesel. Het zonnetje zorgt voor een aangename temperatuur, jassen gaan uit en de eerste korte broek wordt gesignaleerd. Kwart voor 11 zijn we onder zeil, profiterend van het afgaande tij op een voor de windse koers. Een zeehond steekt nieuwsgierig de kop boven water maar blijkbaar zijn we geen interessant object voor hem, hij verdwijnt rap weer in de golven. De wind draait al snel een klein beetje naar het noorden, tijd om de halfwinder te zetten. Op deze koers is een boegspriet bijna onontbeerlijk, dus ik verzin een tijdelijke oplossing om de spriet op zijn plaats te houden. Hiermee komt de grote lap goed tot zijn recht en we varen gemiddeld 7 knopen op een kalm zeetje.


De komende 45 mijl zullen we dezelfde koers blijven varen tot we bij het verkeersscheidingsstelsel (VSS) arriveren. Dat is een soort snelweg voor zeeschepen, het is verplicht om de snelweg haaks over te steken dus dat vereist enige voorbereiding. Het is gelukkig niet al te druk, we hoeven maar voor 1 schip de koers wat te verleggen. Het grote rode gevaarte passeert mooi voor ons langs.

De wind is ondertussen net iets meer naar het noorden gedraaid en trekt nog wat aan naar een gemiddelde van 15 knopen (windkracht 4), halfwinder weg en op de fok verder. Qua snelheid maakt dat weinig uit, we blijven tegen de rompsnelheid aan varen maar kunnen nu gaan profiteren van de wat groter wordende golven. Door netjes van een golf af te varen bouw je snelheid op die je weer gebruikt om het volgende waterbergje te beklimmen. Intussen varen we constant onder 20 graden helling en dat maakt het leven aan boord wat lastiger. De zeilpakken mogen aan, reddingsvesten eroverheen en de lifelines in de aanslag. Naar het toilet gaan is een onderneming die ongeveer een kwartier duurt. Koken doen we maar even niet meer.
In minder dan anderhalf uur steken we de 8,5 mijl brede shipping lanes over en bereiken we het tweede waypoint van deze trip. Hiervandaan gaan we aan de wind vol gas naar Lowestoft. De wind trekt nog wat meer aan, de zee wordt nog woeliger terwijl de avond aan het vallen is.

Een kleine windkracht 5 op een aandewindse koers maakt het leven nog ongemakkelijker. Aan dek is het constant nat, regelmatig moet de stuurman bukken om passerend water te ontwijken en in de kajuit begint het een chaos te worden. Alles wat los ligt verplaatst zich naar de lage kant.
Om 12 uur gaat Eric maar eens wat slapen. Kussens op de grond, dan lig je vlak boven de kiel in het midden van de boot: de minste schommelingen. Ik blijf aan het roer met Jeroen als backup aan dek; in het donker kan ik niet zien of hij ook slaapt maar het zou me niets verbazen... ik geniet van het schaarse maanlicht, de diepzwarte sterrenhemel en de zeldzame lichtjes die voorlopig nog alleen andere schepen kunnen betekenen. Straks, zo tegen het ochtendgloren, zullen we de Engelse kust naderen en kunnen we meer navigatieverlichting verwachten.
Rond 4 uur in de morgen is Eric weer helemaal fit en neemt hij het roer over van Jeroen die nu ter kooi gaat en in een soort coma verzeild raakt. Samen nemen we de paar bijzonderheden van de nacht door: een schip dat voor anker lag op ons pad en ineens toch maar ging varen, het zeetje dat steeds knobbeliger wordt, de wind die iets is gaan liggen. Ik sluit mijn ogen een half uurtje, zittend onder de buiskap met het kompas in mijn rug (blauwe plek nu). Bij het ochtendgloren zien we dat we dicht onder de kust van Engeland zitten, we zouden vlak bij onze bestemming moeten wezen dus met de kaart in de hand gaan we op zoek naar herkenningspunten en de boei die we volgens de GPS hadden moeten zien. Na veel gepuzzel komen we tot de conclusie dat de positie van de boei niet goed in de GPS is gezet en dat we daarom de komende 7 mijl hoog aan de wind mogen vechten op een noordelijke koers. Dat kost tijd en snelheid, maar ach, niemand van ons heeft een afspraak staan in Lowestoft.
Na een aanloop volgens het boekje komen we het haventje van Lowestoft binnen: de Royal Norfolk & Suffolk Yacht Club & Marina om 7:15. We pikken het enige vrije plekje in, hangen het natte goed buiten, brengenen het thuisfront op de hoogte van onze geslaagde oversteek en duiken dan de kooien in om wat slaap in te halen.
Om 1 uur 's nachts kan Jeroen ons via de telefoon meedelen dat hij zijn reis van de Achterhoek naar Hellevoetsluis zowaar overleefd heeft; helaas voor hem zijn wij dan nog anderhalf uur verwijderd van hem en zal hij nog even kou moeten lijden. Half drie ligt Kapal Kita dan eindelijk met voltallige bemanning in het haventje van Hellevoetsluis, we gieten een biertje naar binnen en gaan snel slapen: om 7 uur gaat de wekker voor de oversteek.

Voor we het zoete water verlaten, worden de brandstoftank en de reservekan gevuld met verse diesel. Het zonnetje zorgt voor een aangename temperatuur, jassen gaan uit en de eerste korte broek wordt gesignaleerd. Kwart voor 11 zijn we onder zeil, profiterend van het afgaande tij op een voor de windse koers. Een zeehond steekt nieuwsgierig de kop boven water maar blijkbaar zijn we geen interessant object voor hem, hij verdwijnt rap weer in de golven. De wind draait al snel een klein beetje naar het noorden, tijd om de halfwinder te zetten. Op deze koers is een boegspriet bijna onontbeerlijk, dus ik verzin een tijdelijke oplossing om de spriet op zijn plaats te houden. Hiermee komt de grote lap goed tot zijn recht en we varen gemiddeld 7 knopen op een kalm zeetje.


De komende 45 mijl zullen we dezelfde koers blijven varen tot we bij het verkeersscheidingsstelsel (VSS) arriveren. Dat is een soort snelweg voor zeeschepen, het is verplicht om de snelweg haaks over te steken dus dat vereist enige voorbereiding. Het is gelukkig niet al te druk, we hoeven maar voor 1 schip de koers wat te verleggen. Het grote rode gevaarte passeert mooi voor ons langs.

De wind is ondertussen net iets meer naar het noorden gedraaid en trekt nog wat aan naar een gemiddelde van 15 knopen (windkracht 4), halfwinder weg en op de fok verder. Qua snelheid maakt dat weinig uit, we blijven tegen de rompsnelheid aan varen maar kunnen nu gaan profiteren van de wat groter wordende golven. Door netjes van een golf af te varen bouw je snelheid op die je weer gebruikt om het volgende waterbergje te beklimmen. Intussen varen we constant onder 20 graden helling en dat maakt het leven aan boord wat lastiger. De zeilpakken mogen aan, reddingsvesten eroverheen en de lifelines in de aanslag. Naar het toilet gaan is een onderneming die ongeveer een kwartier duurt. Koken doen we maar even niet meer.
In minder dan anderhalf uur steken we de 8,5 mijl brede shipping lanes over en bereiken we het tweede waypoint van deze trip. Hiervandaan gaan we aan de wind vol gas naar Lowestoft. De wind trekt nog wat meer aan, de zee wordt nog woeliger terwijl de avond aan het vallen is.

Een kleine windkracht 5 op een aandewindse koers maakt het leven nog ongemakkelijker. Aan dek is het constant nat, regelmatig moet de stuurman bukken om passerend water te ontwijken en in de kajuit begint het een chaos te worden. Alles wat los ligt verplaatst zich naar de lage kant.
Om 12 uur gaat Eric maar eens wat slapen. Kussens op de grond, dan lig je vlak boven de kiel in het midden van de boot: de minste schommelingen. Ik blijf aan het roer met Jeroen als backup aan dek; in het donker kan ik niet zien of hij ook slaapt maar het zou me niets verbazen... ik geniet van het schaarse maanlicht, de diepzwarte sterrenhemel en de zeldzame lichtjes die voorlopig nog alleen andere schepen kunnen betekenen. Straks, zo tegen het ochtendgloren, zullen we de Engelse kust naderen en kunnen we meer navigatieverlichting verwachten.
Rond 4 uur in de morgen is Eric weer helemaal fit en neemt hij het roer over van Jeroen die nu ter kooi gaat en in een soort coma verzeild raakt. Samen nemen we de paar bijzonderheden van de nacht door: een schip dat voor anker lag op ons pad en ineens toch maar ging varen, het zeetje dat steeds knobbeliger wordt, de wind die iets is gaan liggen. Ik sluit mijn ogen een half uurtje, zittend onder de buiskap met het kompas in mijn rug (blauwe plek nu). Bij het ochtendgloren zien we dat we dicht onder de kust van Engeland zitten, we zouden vlak bij onze bestemming moeten wezen dus met de kaart in de hand gaan we op zoek naar herkenningspunten en de boei die we volgens de GPS hadden moeten zien. Na veel gepuzzel komen we tot de conclusie dat de positie van de boei niet goed in de GPS is gezet en dat we daarom de komende 7 mijl hoog aan de wind mogen vechten op een noordelijke koers. Dat kost tijd en snelheid, maar ach, niemand van ons heeft een afspraak staan in Lowestoft.
Na een aanloop volgens het boekje komen we het haventje van Lowestoft binnen: de Royal Norfolk & Suffolk Yacht Club & Marina om 7:15. We pikken het enige vrije plekje in, hangen het natte goed buiten, brengenen het thuisfront op de hoogte van onze geslaagde oversteek en duiken dan de kooien in om wat slaap in te halen.

3 Comments:
At 3:26 PM,
martin said…
Leuk om te lezen! en kijk al uit naar het vervolg over hoe het verblijf in Lowestoft en de terugreis is verlopen.
Dat je zo kort na het reisje de fut nog hebt om zo´n verhaaltje te tikken. Ik zou dwars-af zijn..
groetjes, Martin
At 9:08 AM,
Anoniem said…
Leuk geschreven Dennis! Beleef het helemaal mee en ook weer mijn eigen eerste keer. Groet,
Jaap (Free Bird)
At 12:58 AM,
Anoniem said…
Prima zeiltje voor een continues furler. Mooi verslag. Ben benieuwd naar de rest
SY Beauty!
Een reactie plaatsen
Links to this post:
Een koppeling maken
<< Home